Uit de praktijk van het wswonen XI: Puntentelling soms nuttig bij toepassing participatiewet

02 maart 2016

Afgelopen zomer kwam een huurster ten einde raad op het spreekuur binnenlopen. Ze werd gekort op haar uitkering onder de participatiewet omdat ze volgens de DWI een gemeenschappelijke huishouding vormde met de hoofdhuurders van de woning waar ze een kamer huurde. De argumenten van de DWI waren dat ze de huur contant betaalde, tot voor kort alleen een mondelinge huurovereenkomst had en haar huurprijs geen commerciële huur betrof.

Volgens het huurrecht kan deze huurster echter op geen enkele manier als medehuurder gezien worden en zou ze nooit aanspraak kunnen maken op hoofdhuurderschap, huurrechttechnisch vormt ze geen duurzame gemeenschappelijke huishouding met de hoofdhuurders. Het wijksteunpunt wonen maakte een puntentelling, daaruit bleek dat de huur, gezien haar woonduur, niet significant afweek van de maximaal redelijke huur voor de kamer.

Gewapend met een door ons opgestelde verklaring over het medehuurderschap en de puntentelling tekende ze, met ondersteuning door de sociaal raadslieden, beroep aan tegen de beslissing van de DWI. De kantonrechter volgde onze visie en huurster kreeg, met terugwerkende kracht, recht op een volledige uitkering zonder samenwoonkorting.

Artikel delen:

!WOON